Godinnen Melissa, Mellona en Potnia.
In de oude wereld wemelden bijen niet alleen door tuinen en velden, maar ook door de verbeelding van dichters, priesters en mythenschrijvers. In de religieuze tradities van de Grieken en Romeinen stonden ze symbool voor overvloed, zuiverheid, ritme en het mysterieuze vermogen om leven te voeden en te hervormen.
Het is dan ook geen toeval dat juist godinnen — dragers van vruchtbaarheid, natuurkrachten en grensovergangen — met bijen werden verbonden. Hun verhalen zijn doordrenkt met honing, dans en metamorfose.
Laten we samen een kleine pantheonwandeling maken langs drie bijzondere figuren: Melissa, Mellona en Potnia.
Melissa: voedster van Zeus en oermoeder van de bij
In een van de oudste mythen redt de nimf Melissa de jonge Zeus van zijn wrede vader Kronos, die al zijn kinderen verslindt uit angst voor een voorspelde ondergang.
Melissa verbergt de baby in een grot en voedt hem met honing en de melk van de geit Amaltheia.
Wanneer Kronos haar hulp ontdekt, straft hij haar — in sommige versies verandert hij haar in een regenworm.
Zeus, dankbaar maar machteloos om haar menselijke vorm terug te geven, schenkt haar een nieuwe gedaante: die van de bij.
Zo wordt Melissa de oermoeder van de bijen, een belichaming van voedende zorg, trouw en transformatie.
Haar verhaal verbindt drie lagen:
-
Voederschap en levensonderhoud — honing en melk als eerste voeding.
-
Metamorfose als heilig vermogen — de overgang van mens naar dier als eerbetoon.
-
De legitimatie van honing — niet zomaar zoetstof, maar goddelijk voedsel, bijna sacraal
Mellona: de Romeinse hoedster van honing
In het Romeinse pantheon waakt Mellona (ook Mellonia genoemd) over honing en de bijenteelt.
Waar Pomona met fruit wordt geassocieerd en Bubona met het vee, staat Mellona voor de zoete oogst, de orde van de bijenkorf en de zorg voor voedselreserves.
Haar rol is minder episch dan die van Melissa, maar des te praktischer. Mellona garandeert voorspoed, huishoudelijke stabiliteit en genezende kracht. In een wereld waarin honing conserveert, heelt en offert, is haar gunst tastbare rijkdom. Ze is de beschermster van de voorraadkast, de geneeskrachtige zalf en het ritueel van zoetheid.
Potnia: de Minoïsche meesteres met het bijensymbool
“Potnia” betekent letterlijk “vrouwe” of “meesteres” en was een titel voor de moedergodin in het Minoïsche Kreta. Ze werd afgebeeld met dieren, bloemen en vruchtbaarheidssymbolen — en opvallend vaak met bijen.
Archeologische vondsten, zoals de dubbele bijenhanger uit Malia, wijzen op een cultus waarin zoetheid, organisatie en cycli van sterven en herleven samenkomen. De bij was hier niet zomaar een insect, maar een heilig embleem van ritme en regeneratie.
In klassiek Griekenland leeft de titel “Potnia” voort als erenaam voor godinnen als:
-
Demeter (landbouw en groei),
-
Artemis (wilde natuur en overgang),
-
Athena (orde, kunst en ambacht),
-
Persephone (onderwereld en wederkeer),
-
en soms zelfs Gaia (de aarde zelf).
De bij symboliseert in deze context:
-
Vruchtbaarheid — stuifmeel, bloei, oogst.
-
Rituele reinheid — honing als onvergist, “onbedorven” voedsel.
-
Maatschappelijke orde — de korf als ideaal lichaam van samenwerking.
Waarom bijen bij godinnen horen
De bij is een wonderlijk wezen:
-
Ze voedt met geconcentreerde zon en plantensap.
-
Ze leeft in ritme, in dans, in taakverdeling.
-
Ze verbindt boven en beneden — nestelt in holtes, vliegt naar het licht.
-
Ze is tegelijk individueel en collectief, solair en diepgeworteld.
Voor godinnen die leven dragen, grenzen bewaken en cycli begeleiden, is de bij een natuurlijke bondgenoot.
Echo’s in latere tradities
De associatie tussen vrouwen, zang en bijen keert terug in latere rituelen. Priesteressen werden soms “bijen” genoemd. Honingoffers speelden een rol in tempelceremonies. Sieraden met bijmotieven sierden de lichamen van vrouwen die leven en orde belichaamden.
Het is een intuïtie die blijft: waar leven wordt gevoed, geordend en hernieuwd, daar is de bij — en daar is de godin.
de zindering van de godin
Van Melissa’s redding en metamorfose, via Mellona’s zorg voor de zoete oogst, tot Potnia’s macht over leven en dood: bijen zijn in de oudheid veel meer dan insecten. Ze zijn kleine, gevleugelde emblemen van goddelijke economie — een kringloop van voeding, orde en verandering waarin de stem van de godin zindert.
Wie vandaag een bij ziet zoemen tussen bloemen, hoort misschien nog iets van die oude echo: een fluistering van zorg, ritme en transformatie.
Reactie plaatsen
Reacties