Wat beweegt er in jouw tuin — en in jou — nu de lente dichterbij komt?

Gepubliceerd op 6 maart 2026 om 09:51

Maart: wanneer mijn tuin en ik tegelijk ontwaken

Maart voelt voor mij altijd als een zachte schok.

Alsof de aarde onder mijn voeten een diepe ademhaling neemt en ik vanzelf meebeweeg.

Ik merk het in mijn handen, in mijn ritme, in hoe ik weer vaker naar buiten word getrokken.

De tuin roept — niet luid, maar met dat stille, oude fluisteren dat ik zo goed herken.

Het is de maand waarin ik opnieuw leer kijken. Waar ligt nog bescherming? Waar mag licht binnenvallen? Wat wil blijven slapen, en wat staat al te dringen om te groeien?

In de eerste dagen van maart voel ik de energie nog laag in de grond zitten. Het is een periode die me uitnodigt om dicht bij de aarde te werken:

  • oude stengels voorzichtig optillen, altijd alert voor wie er nog in overwintert

  • bedden openen zonder te verstoren

  • de eerste zaden in volle grond leggen, vooral diegenen die graag diep wortelen

Het is werk dat traag mag zijn. Aandachtig. Ik voel me dan bijna een tussenpersoon: ik maak ruimte, maar de aarde beslist.

Rond het midden van de maand verandert de toon. De tuin wordt lichter, opener. Ik voel het in mezelf ook: meer beweging, meer zin om dingen aan te pakken.

Dit is de tijd voor:

  • borders opruimen

  • snoeien waar het nodig is

  • compost of mulch neerleggen als een voedende deken

  • de tuin helpen ademen na de winter

En tegelijk kijk ik altijd naar de bijen. De eerste stuifmeelbronnen zijn heilig: wilg, hazelaar, vroege kruiden. De eerste bloesems. Ik werk met zachtheid, omdat ik weet hoe kwetsbaar deze maand voor hen is.

Maart is voor mij ook de maand van kleine bakjes, vochtige aarde en dat eerste, bijna onzichtbare groen.  Zaailingen die ik elke ochtend even begroet. Water geven alsof ik een ritueel uitvoer.

Het is een vorm van zorg die me zelf ook weer wortelt.

 

Maart zet me altijd terug in verbinding met mijn eigen ritme. Ik herken mezelf in de tuin:

  • het aarzelende begin

  • het zoeken naar richting

  • het verlangen om te groeien, maar nog niet te snel

En tegelijk voel ik mijn rol als hoedster van kruiden, bijen en kleine ecosystemen. Wat ik nu doe, bepaalt wat er straks kan bloeien — voor mij, voor de bijen, voor iedereen die later door mijn tuin wandelt.

 

Een zachte uitnodiging

Maart vraagt niet om snelheid. Ze vraagt om aanwezigheid. Om luisteren. Om kleine gebaren die later groot blijken.

Wat beweegt er in jouw tuin — en in jou — nu de lente dichterbij komt?

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.