Wat je aandacht geeft, groeit

Gepubliceerd op 10 maart 2026 om 10:58

Een zachte oproep aan imkers om terug te keren naar de bij

De laatste tijd valt het me op hoe vaak het gesprek onder imkers draait rond angst.

Angst voor verlies.

Angst voor bedreiging.

Angst voor de Aziatische hoornaar.

En ja… die angst is begrijpelijk.

Het doet pijn om een volk te zien aftakelen onder de druk van een roofdier dat hier niet thuishoort.

Het is hartverscheurend om bijen letterlijk te zien vechten tot ze uitgeput neervallen.

Ik ken dat gevoel.

Ik heb het gezien.

Ik heb het gevoeld.

Ik maak het zelf ook mee.

Maar toch… Wat je aandacht geeft, groeit. En ik merk dat veel imkers tegenwoordig méér aandacht geven aan de hoornaar dan aan hun eigen bijen.

Ik ben geen verdelger. Ik ben een bijenhouder. Een bijenhoeder. Een bijenliefhebber. Mijn eerste verantwoordelijkheid ligt bij de bijen, niet bij het bestrijden van wat hen bedreigt.

 

De hoornaar is geen monster

De Aziatische hoornaar heeft er niet zelf voor gekozen om hier te zijn. Hij is vervreemd van zijn eigen biotoop, gedreven door pure overlevingsdrang. En waar vindt hij overvloed? In onze bijenkasten — ware supermarkten vol voedsel.

Dat hij hier geen natuurlijke vijanden heeft, maakt het evenwicht wankel. Maar dat is precies het signaal: het systeem is uit balans. De hoornaar jaagt op alles wat hij kan vinden, omdat zijn instinct hem vertelt dat hij moet overleven. En de mens? De ene ziet gevaar en grijpt naar verdelging. De andere ziet het gevaar niet of wil het niet zien.

Maar in beide gevallen wordt de aandacht vooral gericht op de hoornaar.

 

En de bijen dan?

Wat als we onze energie zouden verleggen? Niet naar vernietigen, maar naar ondersteunen.

Want bijen zijn veerkrachtig. Ze passen zich aan.

Geef ze tijd, geef ze kansen, geef ze voeding, geef ze rust.

Na enkele jaren zullen ze de aanwezigheid van de hoornaar leren inschatten, ontwijken, slim omzeilen.

De natuur zoekt altijd naar manieren om te overleven — als wij haar maar niet voortdurend onderbreken.

Het is nu aan de imker om de balans te herstellen.

Niet door te vechten tegen de hoornaar, maar door te zorgen voor de bij.

 

Opportunisme: een ander soort roofdier

Waar angst groeit, groeit ook commerce. Plots duiken er vallen op die voor veel geld verkocht worden, terwijl ze amper enkele euro’s kosten. Mensen kopen ze uit wanhoop, uit hoop, uit het verlangen om “iets” te doen.

En sommigen verdienen er grof geld aan.

Dat is misschien nog het meest pijnlijke om te zien: hoe angst een markt wordt.

Maar laat dat niet de koers bepalen. Laat dat niet de energie zijn die we voeden.

 

Terug naar de essentie

Ik blijf erbij: Blijf bij je bijen. Geef aandacht aan de bijen, niet aan het verdelgen van de hoornaar.

Zorg voor sterke volken, voor voldoende voeding, voor een omgeving waarin ze kunnen floreren.

Want wat je aandacht geeft, groeit.

En ik kies ervoor om mijn aandacht te geven aan leven, niet aan vernietiging.

 

Het is belangrijk voor mij om te benadrukken dat ik niet stilzit. Ik laat mijn bijen niet zomaar aan hun lot over, en ik kijk niet weg van de realiteit van de Aziatische hoornaar.

Ik zet vallen. In het najaar span ik netten rond mijn kasten om de hoornaar te ontmoedigen en mijn bijen rust te geven. Ik zoek naar nesten, meld en hoop dat de 'vaste opportune verdelger van de gemeente' deze ook degelijk verdelgd en niet verspreid.

Soms werkt dat goed, soms minder goed — dat is de natuur, dat is het leven met bijen.

Maar het verschil zit in de intentie. Ik voed geen angst. Ik voed moed, vertrouwen en hoop. Mijn handelingen komen voort uit zorg voor de bijen, niet uit de drang om te vernietigen.

Dat is voor mij de essentie: beschermen zonder te vervallen in angst, ondersteunen zonder te vervallen in strijd.

Want wat je aandacht geeft, groeit — en ik kies ervoor om mijn aandacht te geven aan de bijen.

 

En dan gebeurt het.

Net vandaag — nét nadat ik mijn blog gedeeld heb — loopt er een koningin Aziatische hoornaar in mijn val.

Ze zit daar nu, klein geworden in haar eigen schrik, zoekend naar een uitweg.

En toch voel ik twee dingen tegelijk: mededogen voor een dier dat hier nooit had moeten zijn, én opluchting — want één koningin minder betekent één nest minder in de buurt van mijn bijen.

Het is een vreemd soort dankbaarheid.

Niet triomfantelijk, niet wraakzuchtig, maar rustig, zacht, bijna nederig.

Een besef dat elke kleine ingreep telt, dat bescherming vele vormen kan aannemen, en dat hoop soms begint bij één enkel moment waarop de balans een beetje verschuift.

Vandaag is er één koningin minder. En dat geeft mijn bijen een beetje meer ademruimte. Een beetje meer kans. Een beetje meer toekomst.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.